Niemand wist het

Voorzichtig pakte ik de scooter uit het schuurtje. Ik wilde namelijk niemand wakker maken, zodat ze zich gingen afvragen waar ik naar toe zou gaan op die vroege ochtend. Op die vroege zondagochtend. Zodra de scooter in de steeg stond, zag ik vanuit de verte een hoofd uit het raam steken. Het hoofd van mijn moeder. Haar lippen zag ik bewegen. “Wat?”, riep ik. “Waar ga je naar toe, lieverd?”, vroeg ze. “Gewoon.” Ik startte mijn scooter, zette mijn helm op, sloot de poort en reed weg: op naar het station en op naar hem.

Niemand wist waar ik die bewuste zondag naar toe ging. Ik had namelijk niemand op de hoogte gesteld, omdat ik dan allemaal vragen naar mijn hoofd geslingerd zou krijgen. Vragen die ik op dat moment niet kon beantwoorden en vragen waarvan ik bang was dat zij mij zouden gaan belemmeren, dus ik vond het allemaal best. Ik stapte de trein voor tweeënhalfuur in, om hem vervolgens voor het eerst te zien.

De treinreis duurde niet zolang ik had verwacht, en gelukkig kon ik blijven zitten met maar twee overstappen, die perfect op elkaar aansloten. Af en toe probeerde ik een hoofdstuk af te lezen in mijn nieuwe boek, maar ik merkte dat ik het niet kon: Lees verder

Het is niet vanzelfsprekend

Met een warme kop thee in mijn rechterhand neem ik plaats op de bank waar ik nog aan moet wennen. Gauw pak ik de afstandbediening en besluit ik de televisie aan te zetten om de stilte in dit huis te verbreken. Ik ben namelijk bij hem thuis. Alleen. Na ongeveer tien minuten zappen, laat ik de televisie op de zender MTV met het programma “Ex and The Why”. In alle rust en stilte kijk ik dit programma en zie ik dat er een meisje, genaamd Blaire, haar ex terug wil. Want in de periode dat zij nog een relatie had met haar ex, Jacob, nam zij hun relatie voor lief. Alles werd voor haar vanzelfsprekend waardoor zij minder haar best deed en hem op een gegeven moment kwijt was. En dit, dit zette mij aan het denken.

Vijf maanden geleden had ik niet wat ik nu wel heb: een vriend. Wij spenderen (bijna) elk weekend en schoolvakanties samen, omdat wij elkaar doordeweeks niet kunnen zijn. Hij woont namelijk in Gelderland en ik in Noord-Holland. Tweeënhalfuur bij elkaar vandaan met de trein. Lees verder

Brrrrrrrrrrrrrrrrrrrp

Samen met hem sta ik onder de douche en bedenk ik mij hoe ik dit ga doen. Zal ik het gewoon in één keer eruit gooien alsof het niets is? Dat het dan maar gebeurt is? Hop, zand er over? Langzaamaan probeer ik het, maar net wanneer het wil ontglippen, bedenk ik mij dat het toch niet zo’n goed plan is. Het water dat over ons heen loopt, de hitte, de kleine ruimte waar we ons maar net kunnen omdraaien, zijn niet bepaalde goede omstandigheden om het te doen. Straks geeft hij mij nog een klap voor mijn harses, maar waar moet ik het dan doen? Even staar ik naar de shampooflessen en dan vraagt hij mij wat ik aan het doen ben. “Oh, niks. Ik ga er alvast uit. Zie je zo in je kamer, lieverd.” Ik droog mij gauw af en loop naar zijn kamer toe. Eindelijk. Tijd om het te laten gaan: brrrrrrrrrrrrp. De scheet is er uit.

Natuurlijk wist ik dat dit er aan zat te komen wanneer ik een relatie zou starten. Vrouwen moeten, net zoals mannen, elke dag het toilet te bezoeken om een grote boodschap te doen en laten elke dag wel een paar scheten. “Maar hoe ga ik dit doen als ik een vriend heb?”, bedacht ik mij elke keer wanneer ik zat te fantaseren over de toekomst. Lees verder

Toch nog medelijden

Iets in mijn hoofd zei mij al dat ik waakzaam moest zijn wanneer ik het station binnen een kwartier zou naderen en dat beetje pijn in mijn buik probeerde mij te vertellen dat ik niet langs de bibliotheek moest lopen, maar dat ik hier het straatje in moest. De signalen van dat beetje buikpijn negeerde ik en liep richting de bibliotheek met mijn oortjes in, zodat ik in mijn eigen wereld verder kon lopen. Naarmate ik verder liep en dichterbij de plek kwam wat ik eigenlijk ontwijken moest, was het te laat om mij nog om te keren zonder dat het zou opvallen. Degene die ik namelijk vermijden wilde, zat daar op het bankje; knalgeel jasje, zwarte muts en een paar volle plastic tassen bij zijn voeten.

Ik werd wakker geschud uit mijn eigen wereld en stond een paar seconden stil om na te denken wat ik moest doen, wat het verstandigst was. De enige oplossing wat er was, was om langs hem te lopen en de moed te overwinnen die ik al jaren aan het ontwijken ben. Geconfronteerd met hem worden, wilde ik absoluut niet en daarom besloot ik in die seconden wat ik had om na te denken, om achter hem langs te lopen. Lees verder

Geen controle

Nietsvermoedend zat ik vanmiddag, twee uur later dan gepland, in de schoolbanken. Normaliter staar ik voor mij uit, gaat de informatie wat ik krijg mijn ene oor in en de ander weer uit en kijk ik regelmatig op mijn mobiel. Dit keer was het anders, want ik kreeg les over de methode ‘De Kracht van 8’. Ooit had ik er van gehoord, maar nooit had ik er iets meegedaan. Deze methode leert je namelijk een bijdrage te leveren aan de wereld, waarin je leert om respect voor jezelf en de omgeving te hebben. En voordat je respect voor jezelf kan hebben, moet je jezelf (leren) kennen. Na alle informatie wat ik kreeg, moest ik een aantal vragen over mezelf beantwoorden en dit bespreken met een aantal klasgenoten. Toen iedereen dit had besproken en weer zat, vroeg mijn docente aan mij wat ik écht niet leuk vind. ‘Als ik geen controle op situaties heb.’, antwoordde ik.

Op het werk, wanneer mijn floormanager en verder geen hoofdverkoper aanwezig is, neem ik graag de verantwoordelijkheid op mij. De verantwoordelijkheid dat alles op zijn manier verloopt wanneer zij er normaal gesproken zijn. Het is een stukje controle wat ik fijn vind om te hebben en dat geldt hetzelfde voor wanneer ik op school ben en graag de hoofdleider ben van een projectgroepje. Lees verder