Misschien ooit

Vanaf het moment dat ik hier zit, zie ik af en toe vanuit mijn ooghoeken hem naar mij gluren. Heel even doet hij dat. Af en toe lach ik, maar besteed er voor de rest geen aandacht aan. Misschien zo.

Ik loop naar binnen met het doel om een ander liedje op te zetten. In de kleine ruimte waar dat zou moeten gebeuren, voel ik iemand naar mij kijken. Zal hij het zijn? Voorzichtig draai ik mijn hoofd om. Hij is het. ‘Wat ga je doen?’ Even negeer ik het en bedenk ik wat ik daadwerkelijk zou willen doen. Hoe hij hier tegenover mij staat, hoe graag ik hem naar mij wil toetrekken. Gewoon hem even naar mij toetrekken, zodat hij dichterbij is. Doorgaan met het lezen van “Misschien ooit”

Het juiste moment

Ik voel hoe een hand mijn haar van mijn blote schouder weghaalt en zijn hand op die plek voor een paar seconden laat rusten. Het voelt vertrouwd, hét is vertrouwd. De huid van zijn hand die de huid van mijn schouder aanraakt, is iets wat ik eerder heb gevoeld. Iets waar ik eerder van heb genoten. Zijn hand verschuift langzaam van mijn schouder naar mijn bovenarm en dwingt mij om mij om te draaien. Ik draai mij om en zie dat hij voor mij staat. Nog steeds heeft hij mij vast bij mijn bovenarm. De verbazing die ik in mijn ogen heb, lijkt hij te zien. En zelfs te begrijpen. Zijn hoofd komt iets dichterbij, zodat ik kan verstaan wat hij zegt. Of ik even met hem naar buiten wil gaan. Hij wilt praten en dat kan niet hier. Voordat ik hem mijn antwoord heb gegeven of ik wel of niet met hem mee naar buiten wil, heeft hij die keuze al voor mij gemaakt. Hij trekt mij aan mijn arm, door de mensenmassa heen, naar buiten toe. Buiten laat hij mijn arm los en loopt hij een stukje verder, vastberaden dat ik hem zal achtervolgen. Doorgaan met het lezen van “Het juiste moment”

Tot nooit meer

Terwijl die ongelofelijke, lekkere beat van ‘On My Own’ van Miley Cyrus door mijn oren galmt, loop ik op de ritme van de muziek, alsof ik op de catwalk van de grootste modeshow loop, richting de bushalte. De wachtplek voor de bus staat vol met jonge guppies die net een paar maanden op het voortgezet onderwijs zitten en tussen die guppies zie ik wat oudere mensen er tussen staan. Wanneer ik wat dichterbij gekomen ben, spot ik een mooi, leeg plekje. Ik wurm mij tussen de menigte om die leegte op te vullen. Aan mij linkerkant zie ik een wat oudere dame. Ze kijkt naar de lucht. Ik kijk met haar mee. Een vliegtuig en wat vogels zie ik, terwijl Miley Cyrus nog steeds door mijn oren galmt. Uit het niets hoor ik aan mijn rechterkant ‘Hey, do you speak English?’ Ik kijk verschrikt en zie een jonge man met een stoppelbaardje staan.

Al die uren die ik spendeer op het station en bij de bushaltes waar ik weleens beland, zijn er altijd momentjes waarop ik mijn mobiel er bij pak. Met één tik op het beeldscherm ben ik verwijderd van de wereld waar ik op dat moment in leef en ben ik in het wereldje van het o-zo magische internet. Facebook. Doorgaan met het lezen van “Tot nooit meer”

Deze avond

Mijn lange, zwarte haren zitten in de war. De zwarte veters van mijn zwarte schoenen hangen los naast mijn schoenen. De rode lipstick die ik vroeg op de avond op mijn lippen heb gestift, is uitgesmeerd over mijn gezicht. Eén arm zit in de mouw van mijn jas, voor de rest hangt hij levenloos langs mijn lichaam. Waar ik mijn normaal zorgen om maak, doet er vanavond niet toe. Ik zie hoe hij naar mij toe rent en mijn arm pakt. Hij trekt mij mee naar de plek waar op dit moment niemand zich bevindt. Het is er stil en donker. Hij laat mijn arm los. Allebei kijken we fascinerend naar boven, de sterren hebben zich nooit zo mooi laten zien. Ze schitteren prachtig. Het lijkt alsof hij en ik hier uren zitten. Ik op de glijbaan en hij op de grond, terwijl het net vijf minuten zijn. Het enige wat ik kan horen, is hoe de wind langs mij waait. Oh ja, en zijn ademhaling. Ik hoor hoe zijn ademhaling dichterbij mij komt, hoe zijn ademhaling achter mij sluipt. Zijn armen besluit hij om mij heen te doen. Hij fluistert iets in mijn oor, maar wat weet ik niet precies. Doorgaan met het lezen van “Deze avond”

Liefdevolle wraak

Diep van binnen twijfel je. Je twijfelt of je wel ‘ja’ had moeten zeggen wanneer ik aan je vroeg of je met mij af wilde spreken. Diep van binnen ben je bang dat ik iets van plan ben. Van plan om je keihard terug te pakken. Je bent bang dat ik jou pijn zal doen, zoals jij mij pijn hebt gedaan. Bang dat ik jou zal vallen als een baksteen, terwijl je net zo’n best hebt gedaan om bij mij terug te zijn. Bang dat ik met haatgevoelens tegenover je zal zitten en dat het ongemakkelijk wordt. Je hebt geen idee wat je van mij kan verwachten en hetzelfde geldt voor mij. Ik heb ook geen flauw idee wat ik van jou mag én kan verwachten. Zal je mij een hand, knuffel of kus geven bij de ontmoeting? Pak je mijn hand als we samen naar het terras lopen waar we een drankje zullen gaan doen? Schuif je mijn stoel naar achteren en pak je mijn jas aan, zodat ik kan gaan zitten? Bestel je mijn favoriete drinken, ijsthee, voor mij en vraag je waarom ik met je af wilde spreken? Of doe je net alsof er niks aan de hand is en dit onze allereerste date is? Doorgaan met het lezen van “Liefdevolle wraak”